Mijn baby

Op de verloskamer

Meteen na de geboorte wordt de baby bij de mama op de buik gelegd. We behouden gedurende minstens één uur huid-op-huidcontact. Zo kan je baby zich gemakkelijker aanpassen aan het nieuwe leven uit de buik. Door zo dicht bij mama te liggen, reguleert de baby het snelst zijn ademhaling, bloeddruk, hartslag en temperatuur. Als de baby aangeeft er klaar voor te zijn, is dit ook het perfecte moment voor de eerste voeding.

We laten de navelstreng uitkloppen voor we deze doorknippen. En indien de baby ondersteuning nodig heeft om een goede start te maken, dan is de kinderarts aanwezig om het nodige te doen.

Nadat jullie rustig kennis hebben kunnen maken, voert de vroedvrouw de eerste controles uit op de verloskamer. Je baby wordt gewogen, gemeten en krijgt een eerste nazicht. Nadien verhuizen jullie samen naar de kamer op materniteit.

Op materniteit

Voeding

Onze vroedvrouwen staan voor jullie klaar om de voedingen mee te begeleiden. Je baby krijgt voeding als die ernaar vraagt, en dit minimum acht keer per dag. Vraag ons er voor elke voeding bij, zodat we jullie goed kunnen ondersteunen waar nodig, dan kunnen jullie zelfstandig en zelfzeker naar huis. Je krijgt een boekje waarin je alles kan noteren zodat het overzichtelijk blijft. (link naar tips bij borstvoeding en tips bij kunstvoeding)

Verzorging

Elke dag komt de vroedvrouw langs om samen met jullie je baby te wegen en te verzorgen. Dit doen we liefst als de baby uit zichzelf wakker wordt. We leren je aan hoe je een badje moet geven, hoe je de navel verzorgt, temperatuur neemt, vitamines geeft en hoe je de luier kan verschonen. Oefen dit allemaal samen met ons, dan kan je met een gerust gevoel naar huis vertrekken.

De kinderarts

Ook de kinderarts kom dagelijks bij jullie op de kamer langs om te vragen of alles goed verloopt. Dit is ook een moment waarop jij al je vragen kan stellen.

Ten laatste de dag na de geboorte, krijgt je baby een volledig nazicht door de kinderarts. Het hartje en de longen worden beluisterd en de reflexen getest. Dit nazicht gebeurt steeds in het bijzijn van de ouders, zodat je meteen uitleg krijgt bij de testen en mogelijke vragen kan stellen.

Dit volledige nazicht doen we opnieuw op de dag dat jullie naar huis gaan.

Bloedcontroles

Vanaf de derde dag na de geboorte (wanneer je baby ten minste 72 uren oud is), wordt er een bloedafname uitgevoerd, de zogenaamde “hielprik” om metabole afwijkingen op te sporen. De laatste jaren doen we geen echte hielprik meer, maar prikken we een ader in het handje terwijl je baby drinkt. Zo merken ze er bijna niets van.

Ook indien je baby een gele kleur krijgt door de opstapeling van bilirubine en daardoor slaperig is, wordt er een bloedafname uitgevoerd. Als het nodig is, leggen we je baby enkele uren onder een speciale blauwe lamp: hierdoor verdwijnt de gele kleur, je baby wordt weer actiever en zal terug beter drinken.

Op neonatologie

Mama en baby worden nooit van elkaar gescheiden, tenzij voor medische redenen. Ook als je baby opgenomen wordt op neonatologie kan je voeding geven op vraag en mag je altijd bij je kindje. De baby’s die op neonatologie moeten verblijven, zijn meestal te vroeg geboren (prematuur) of hebben een te laag geboortegewicht, maar soms kan er ook een andere reden zijn voor een verblijf op neonatologie.

Meer informatie hierover vind je terug op de pagina Neonatologie >